Door:  Youri IJnsen & Marije van Dijk 

De opleidingscommissie van de Communicatie-afdeling aan NHL Hogeschool is niet altijd even druk bezet. En dat is zonde, concludeert De Ruis na een kort onderzoek over de toegevoegde waarde van deze commissie. Voorzitter en docente Anneke Augusteijn laakt studenten die niet op komen dagen. ‘’Dat is jammer, omdat studenten dan niet aan kunnen geven wat er onder hen speelt. Terwijl dat juist heel belangrijk is’’, benadrukt zij.

 Vier keer per jaar komt de opleidingscommissie samen. Van iedere klas, van ieder studiejaar zitten er klassenvertegenwoordigers in deze commissie, die dient als adviesorgaan. Zij kunnen vraagstukken en suggesties voor verbeteringen aandragen, mits zij deze twee weken voor een vergadering indienen.

Beperkte input

Oud-klassenvertegenwoordiger Redmar Meijer legt de vinger op de zere plek: ‘’Ik moest zelf vrijwel altijd vragen of er ook klachten vanuit de klas waren. Je hoort medestudenten dagelijks klagen, maar als het puntje bij paaltje komt, zijn er geen concrete klachten of opmerkingen die ik mee kan nemen. Dan is het lastig om punten te verzamelen die je in kunt brengen bij de vergadering. De input is daardoor vrij beperkt en dat is een groot probleem.’’

Bart van Elden, tweedejaars student en zittend commissielid, doet een boekje open over de opkomst. Deze is soms mager: ‘’De opleidingscommissie is iets wat je er als student bij doet, naast je studie dus. Je zit in de commissie omdat je iets vindt, omdat je ergens een mening over hebt. Ik merk dat een hoop studenten dat niet zo voelen. Die zien het niet als een verplichting (dat is het officieel ook niet, red.). Ze zijn voor zichzelf bezig met de studie en denken niet zozeer na over wat ze kunnen bereiken met een opleidingscommissie.’’

Resultaat

In de periode van afwezigheid van docent Albert Steenstra, ontstond er in een tweede klas een probleem. ‘’Albert was namelijk onze SLB-coach én de docent voor het vak Publieke Communicatie’’, legt Van Elden uit. ‘’Zijn lessen vielen uit, maar we konden daar nergens mee terecht. Ik heb dat aangekaart bij de opleidingscommissie. Resultaat: we mochten de lessen opnieuw volgen en we kregen een extra kans voor het tentamen.’’

Resultaten bereiken is natuurlijk belangrijk, beaamt ook Karim Hamad. Hij is afgestudeerd en werkt tegenwoordig voor de Provincie Fryslân. Tijdens zijn opleiding kende hij een lange geschiedenis binnen de opleidingscommissie. ‘’De comissie is één geheel. Studenten en docenten staan binnen deze groep op gelijke hoogte, waardoor het mogelijk is om open met elkaar te communiceren. We hebben immers één gezamenlijk doel! En dat is een platform creëren tussen studenten en docenten.  Hiermee kunnen problemen binnen de opleiding worden opgelost en wordt de kwaliteit van de opleiding gewaarborgd.’’

Geen klachtenloket

Waar sommige studenten het misschien wel zo ervaren, is de commissie volgens Anneke Augusteijn geen klachtenloket. ‘’We zijn met elkaar aan het denken over ideeën en verbeterpunten binnen de opleiding. Klassenvertegenwoordigers dragen suggesties en/of problemen voor aan ons als docenten, maar andersom werkt dit net zo.’’

Voormalig klassenvertegenwoordiger Redmar Meijer is het, wat de betrokkenheid van studenten aangaat, eens met student Bart en docente Anneke: ‘’Docenten zijn wél heel begaan en willen met de opleidingscommissie ook echt iets bereiken. Bartele van der Meer (docent Video, red.) is hier een goed voorbeeld van. Hij wil meer uit de commissie slepen dan er op dit moment mogelijk is. De docenten zijn betrokken, maar op een gegeven moment kunnen zij ook vrij weinig veranderen.’’

Meer participatie

Na deze kleine steekproef onder een aantal leden kan gesteld worden dat de opleidingscommissie wel degelijk van toegevoegde waarde is voor studenten. De commissie binnen de opleiding Communicatie is juist voor studenten een plek waar zij met vragen en opmerkingen terecht kunnen. De wisselwerking tussen docenten en studenten die lid zijn van de opleidingscommissie is dynamisch en wordt als prettig ervaren. In principe staat iedereen op één lijn, wat volgens de ondervraagden de communicatie bevordert.

Hoewel bijna alle ondervraagden het eens waren over de toegevoegde waarde van het adviesorgaan, kwam bij iedereen ook het grootste minpunt naar voren. Niet alle studenten nemen hun rol als klassenvertegenwoordiger en dus zittend lid van de opleidingscommissie, even serieus. Dat de vergaderingen niet altijd even goed worden bezocht  blijkt ook uit de notulen. Tijdens de laatste vier vergaderingen was de commissie geen enkele keer voor de volle 100% aanwezig. Volgens Meijer helpt de frequentie aan vergaderingen per jaar ook niet mee.

Daarom drukt voorzitter Augusteijn studenten dan ook op het hart om vaker aanwezig te zijn. ‘’Er staan vrije studiepunten (die je in het laatste jaar van je opleiding kunt gebruiken, red.) voor en tijdens deze vergaderingen kun je als student echt iets betekenen voor je studiegenoten. Ook voor de docenten en de kwaliteit van de opleiding is dit van belang. Zij kunnen de stem van de studenten vertolken binnen deze commissie en dat is heel belangrijk’’, sluit Augusteijn af.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.