Column – Het OV; meer dan alleen reizen van A naar B

Ik zal maar eerlijk zijn. Ondanks dat ik een studenten OV heb en geen extreme afkeer heb tegen het reizen met de bus, stap ik zonder nadenken bijna iedere dag in de auto om naar school te gaan. Het fijne van reizen met de auto vind ik het eigen baas zijn en het feit dat ik binnen vijftien minuten op de plaats van mijn bestemming ben. Ohja, en als persoon heb ik veel baat bij het extra halfuurtje dat ik ’s ochtends op bed kan blijven liggen, in plaats van me in alle vroegte bij de bushalte te melden.

Toch mis ik de goede oude tijd van reizen met de bus wel een beetje, ook al was er tegen de tijd dat ik opstapte in mijn woonplaats ‘s ochtends geen zitplaats meer over. In het grote gevaarte op wielen zit je namelijk nooit alleen, in een auto meestal wel. En hoewel het sociale aspect soms ver te zoeken is, omdat bijna iedereen tegenwoordig starend naar zijn of haar telefoon zit te kijken (meestal ook nog met oordopjes in), is reizen met het OV toch veel gezelliger? Een bus is een fysieke ontmoetingsplek voor vrienden, familie en andere (on)bekenden. Bovendien is het milieuvriendelijker en goedkoper, maar dat spreekt voor zich.

Eigenlijk zouden we ons moeten afvragen of het niet veel beter en leuker is om de auto te laten staan en de bus of trein te pakken naar onze bestemming. Ook ik moet mij dat afvragen. Hoewel ik bij het reizen met de bus geen eigen baas meer ben, langer onderweg ben en ’s ochtends eerder uit bed moet, is het openbaar vervoer eigenlijk een gouden uitvinding. Samen met bekenden reizen is altijd leuker dan alleen. Mocht ik dan toch geen bekenden tegenkomen in de bus, dan kan ik altijd nog de minuten die ik eerder van bed moest, inhalen door een dutje te doen.